Schade melden

Kleurcode juist maar andere tint: de technische uitleg

Een medewerker rijdt een rek met losse autoportieren door de werkplaats.
Op deze pagina

Ook met de juiste kleurcode kan uw lak een andere tint hebben. Binnen één kleurcode bestaan meerdere fabrieksvarianten, bestaande lak verkleurt door zonlicht en ouderdom, en ondergrond, laagdikte, spuittechniek en metamerie bepalen hoe de kleur eruitziet. Een afwijking na schadeherstel wijst dus niet automatisch op een fout in de code. Hieronder staat per oorzaak hoe dat technisch werkt.

Welke kleurvarianten bestaan binnen één kleurcode?

Een kleurcode is geen exact recept maar een familie van tinten. Fabrikanten gebruiken per productielijn, lakleverancier en bouwjaar meerdere varianten binnen dezelfde code, en de verschillen zijn met het blote oog soms net zichtbaar.

Dat heeft praktische redenen. Pigmenten en metallicdeeltjes komen van verschillende leveranciers, en een fabriek stemt de lak af op haar eigen spuitstraten. Zo kan een grijs met dezelfde code iets lichter, groener of grover van structuur zijn dan een grijs uit een andere fabriek of van een ander jaar.

De code zegt dus waar een spuiter moet beginnen, niet waar hij moet eindigen. Waar u de code vindt en wat erop staat, leest u bij de kleurcode van uw auto. De code geeft de richting en de variantkeuze maakt het verschil.

Hoe beïnvloeden leeftijd en zonlicht de bestaande lak?

UV-licht en ouderdom laten pigmenten en blanke lak verkleuren. Daardoor komt de originele lak op uw paneel niet meer overeen met verse lak die exact volgens dezelfde code is aangemaakt.

Het verschil ontstaat langzaam en u merkt het zelf nauwelijks. Horizontale vlakken zoals dak, motorkap en kofferklep staan het meest in de zon en veranderen daardoor het sterkst. Rode en gele tinten reageren vaak gevoeliger op UV dan neutrale kleuren. De blanke laag kan bovendien vergelen of dof worden, waardoor de kleur eronder anders oogt.

Een zijpaneel dat jarenlang in de schaduw van een garage stond, heeft daarom een andere uitgangssituatie dan een dak dat dagelijks in de zon lag. De spuiter moet de lak matchen zoals die nu is, niet zoals hij ooit uit de fabriek kwam. Een nieuwe lak op basis van alleen de code geeft op een verouderde auto bijna altijd een zichtbaar verschil.

Welke rol spelen ondergrond en laagdikte?

Te weinig, ongelijk verdeelde of slecht gemengde lak en een afwijkende grondlaag laten de ondergrond doorschemeren en veranderen de kleurwaarneming. Een perfect aangemaakte kleur kan zo toch een andere tint krijgen, puur door de manier van opbouwen.

Dekkende lak werkt als een filter. Lakleveranciers testen dat met zwart-witte controlekaarten waarop lak in toenemende laagdikte wordt gespoten, zodat zichtbaar wordt bij welke dikte de lak de ondergrond volledig afdekt. Die werkwijze staat beschreven in de technische informatie van BASF. Blijft de laag dunner dan die dikte, dan beïnvloedt de kleur eronder het eindresultaat.

BASF noemt in dezelfde bron vier oorzaken van kleurafwijking. De tabel zet ze naast wat u ziet en wat de spuiter eraan doet.

OorzaakWat u zietWat de spuiter doet
Lage laagdikteLak schijnt licht door, de tint oogt vlak of andersSpuit de voorgeschreven dikte per technisch gegevensblad
Ongelijke laagdikte ("thin spots")Vlekkerig of gewolkt oppervlakSpuit gelijkmatig over het hele vlak
Kleurlak niet goed gemengd (pigmentbezinking)Tint wijkt af van de bedoelde kleurRoert of mengt de lak grondig vóór gebruik
Verkeerde ondergrondkleur voor de toplaagHele paneel lijkt lichter of donkerderKiest de grondlaagkleur die bij de kleurlak hoort

Alle vier de oorzaken zijn technisch te voorkomen. Ze hangen af van de uitvoering, niet van de kleurcode.

Metamerie: waarom dezelfde lak onder ander licht afwijkt

Metamerie is het verschijnsel dat twee lakken onder de ene lichtbron identiek lijken en onder een andere lichtbron verschillen. Het is een van de meest voorkomende technische verklaringen als een juiste kleurcode toch een andere tint geeft.

Dat komt doordat pigmenten het licht verschillend terugkaatsen, ook als het oog onder één lamp geen verschil ziet. Een lak kan in de werkplaats perfect passen en buiten in daglicht of onder tl-licht net lichter, warmer of grijzer ogen. De originele lak en de nieuwe lak bevatten dan vaak andere pigmentcombinaties die toevallig dezelfde indruk wekken.

Een match onder één lamp bewijst dus nog niet dat de kleur buiten klopt. Daarom beoordeelt een goede spuiter de kleur onder meerdere lichtbronnen, waaronder daglicht.

Metallic-flop en spuittechniek: waarom de kijkhoek uitmaakt

Metallic-flop beschrijft hoe een metallic lak van tint verandert met de kijkhoek, en de spuittechniek bepaalt die flop. Dezelfde formule kan daardoor met een andere spuitwijze een ander resultaat geven.

Het aluminium in de lak kaatst het licht terug. Staan de deeltjes op het ene paneel rechter of dichter op elkaar dan op het andere, dan lijkt de kleur van opzij lichter of donkerder. Spuitdruk, afstand, verdunning en tempo bepalen die stand.

Een afwijking die alleen vanuit een scherpe hoek zichtbaar is, wijst daarom vaak op techniek en niet op de variant. Hoe dat in de praktijk werkt, leest u bij metallic lak kleur matchen.

Axalta: kleurvarianten per kleurcode in de praktijk

Axalta is een van de lakleveranciers die per kleurcode meerdere varianten beschikbaar stelt. Een autospuiter heeft zo niet één formule maar een reeks alternatieven om uit te kiezen.

Dat past bij de manier waarop fabrieken werken. Omdat dezelfde code in de loop der jaren licht verschuift, bevat een kleursysteem varianten die lichter, donkerder, grover of gekleurder zijn dan de basisformule. De spuiter vergelijkt die varianten met de werkelijke lak op uw auto.

De variantkeuze is dus een vast onderdeel van het werk en geen uitzondering. Een spuiter die direct de basisformule aanmaakt zonder te vergelijken, slaat de stap over waar het kleurverschil meestal ontstaat.

PPG: veelvoorkomende oorzaken van een slechte kleurmatch

PPG noemt onjuiste applicatie en metamerie als terugkerende oorzaken van een slechte kleurmatch, naast het gebruik van de verkeerde variant. Het overzicht van veelvoorkomende kleurafwijkingen laat zien dat de code zelden de boosdoener is.

Dat sluit aan op de eerdere secties. De variant moet kloppen, het licht moet kloppen en de uitvoering moet kloppen. Eén van die drie is vaak genoeg om een merkbaar verschil te geven.

Voor u als autobezitter is dat een geruststelling. Een afwijking heeft bijna altijd een aanwijsbare technische oorzaak, en die is op te lossen met een betere variantkeuze of een andere uitvoering.

Hoe kiest een autospuiter de passende variant?

Een autospuiter matcht met spatten, kleurwaaieren en proefpanelen op de werkelijke lak van de auto. Daarna zorgen de juiste laagdikte en menging dat de gekozen variant ook echt zo op het paneel komt.

De werkwijze verloopt in vaste stappen:

  1. De spuiter zoekt de kleurcode op en haalt de beschikbare varianten uit het kleursysteem.
  2. Hij houdt kleurwaaieren of spatten naast de gepoetste lak van de auto, onder meerdere lichtbronnen.
  3. Hij spuit een proefpaneel met de gekozen variant en vergelijkt dat met het paneel zelf.
  4. Hij stemt de tint zo nodig bij en spuit het eindresultaat zo dat de kleur geleidelijk overloopt in aangrenzende vlakken.

De tint kiezen is maar een deel van het werk. De uitvoering moet het resultaat borgen.

Voor die uitvoering geeft BASF vier basisregels:

  1. Breng de juiste laagdikte aan volgens het technische gegevensblad.
  2. Zorg dat de laagdikte over het hele vlak gelijkmatig is.
  3. Meng de lak goed voor gebruik.
  4. Gebruik de juiste grondlaagkleur bij de kleurlak.

Na het spuiten blijft de verse lak nog gevoelig. Wat u in de eerste weken wel en niet moet doen, staat bij nazorg na spuitwerk. Ziet u daarna toch een verschil, laat het paneel dan bij daglicht en onder een lamp beoordelen, zodat duidelijk wordt of het om variant, laagdikte of licht gaat.

Terug naar overzicht
Vandaag geopend

Autoschade Merkelbag
in Maastricht

Ma-Vr 08:00-17:30
043 356 0606
Molensingel 21
6229 PB Maastricht