Een tik tegen de flank van uw auto, net op het moment dat u van rijstrook wisselde of een ander juist naast u kwam invoegen. Daarna volgt vaak een discussie langs de vangrail: "u gaf geen richting aan", "u gaf gas terwijl ik erin wilde". Bij een aanrijding bij invoegen of van rijstrook wisselen is de vraag wie aansprakelijk is gelukkig vaak goed te beantwoorden, omdat het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) er heel duidelijk over is. In dit artikel zetten we de regels op een rij, laten we zien hoe verzekeraars zo'n zijdelingse aanrijding meestal beoordelen en vertellen we wat wij in onze werkplaats in Maastricht aan zulke schade tegenkomen.
Wat de wet zegt: van rijstrook wisselen is een bijzondere manoeuvre
De kern staat in artikel 54 RVV 1990. Daarin noemt de wet een reeks "bijzondere manoeuvres", zoals wegrijden, achteruitrijden, keren, van de invoegstrook de doorgaande rijbaan oprijden, van de doorgaande rijbaan de uitrijstrook oprijden en van rijstrook wisselen. Wie zo'n manoeuvre uitvoert, moet volgens dat artikel "het overige verkeer voor laten gaan".
Dat is een strenge regel: het verkeer in de eigen rijstrook hoeft niet voor u opzij te gaan. U wacht tot er ruimte is.
Daarnaast verplicht artikel 55 RVV 1990 bestuurders van een motorvoertuig om hun richtingaanwijzer te gebruiken als zij de doorgaande rijbaan willen oprijden of verlaten, van rijstrook willen wisselen of een andere belangrijke zijdelingse verplaatsing maken. Let wel: richting aangeven is verplicht, maar het geeft u geen voorrang.
Wij zijn schadeherstellers en geen juridisch adviseur. Twijfelt u over uw eigen situatie, vraag het dan na bij uw verzekeraar of rechtsbijstandsverzekeraar.
Invoegen op de snelweg: de invoegstrook
Het RVV 1990 omschrijft de invoegstrook als het weggedeelte dat met een blokmarkering (de brede, onderbroken streep) van de doorgaande rijbaan is gescheiden en bedoeld is voor bestuurders die de doorgaande rijbaan oprijden. Invoegen is daarmee precies de manoeuvre uit artikel 54: u moet het verkeer op de doorgaande rijbaan voor laten gaan.
Een paar dingen die in de praktijk helpen, bijvoorbeeld bij het oprijden van de A2 rond Maastricht of de A79 richting Heerlen:
- Gebruik de hele invoegstrook om op snelheid te komen.
- U mag op de invoegstrook rechts passeren. Artikel 11 RVV 1990 bepaalt dat bestuurders rechts van een blokmarkering bestuurders links daarvan rechts mogen inhalen. U hoeft dus niet af te remmen om achter een auto op de doorgaande rijbaan te blijven hangen.
- Kijk over uw schouder. De spiegel laat niet alles zien, en een dode-hoekwaarschuwing is een hulpmiddel, geen garantie.
Het verkeer op de doorgaande rijbaan hoeft wettelijk geen plaats voor u te maken. Veel bestuurders doen dat uit hoffelijkheid wel, maar wie daarop rekent en het gaat mis, staat bij de schuldvraag in de regel zwak.
Ritsen: netjes, maar geen voorrangsregel
Bij wegwerkzaamheden of een versmalling zorgt ritsen, om en om invoegen vlak voor het samenvoegpunt, voor de vlotste doorstroming. Het wordt aangemoedigd, maar het RVV 1990 kent geen aparte ritsregel.
Juridisch blijft het dus gewoon van rijstrook wisselen. Wie vanaf de rijstrook die ophoudt naar de doorgaande rijstrook gaat, voert een bijzondere manoeuvre uit en moet het verkeer daar voor laten gaan. Gaat het tijdens het ritsen mis, dan ligt de aansprakelijkheid daarom meestal bij de bestuurder die invoegde.
Anders ligt het wanneer beide rijstroken ophouden en samen overgaan in één nieuwe rijstrook, of op een weefvak waar het ene verkeer invoegt terwijl het andere uitvoegt. Dan voeren beide bestuurders een bijzondere manoeuvre uit en moeten ze allebei voorrang verlenen. Bij een aanrijding wordt de schade in zulke gevallen vaak gedeeld.
Rijdt u vanuit Maastricht vaak België in? Daar geldt een andere regel. De Belgische Wegcode bevat in artikel 12bis wel een ritsverplichting bij sterk vertraagd verkeer: wie op een rijstrook rijdt die ophoudt, voegt pas vlak voor de versmalling in, en het verkeer op de vrije rijstrook moet om beurten één invoegende bestuurder voor laten gaan. Een aanrijding in België wordt dus naar Belgische regels beoordeeld.
Hoe verzekeraars de schuld meestal verdelen
Verzekeraars kijken bij een zijdelingse aanrijding eerst naar de vraag wie van rijstrook wisselde. Omdat artikel 54 zo helder is, valt de schuld in veel gevallen volledig bij die bestuurder. De tabel hieronder geeft de gebruikelijke uitkomst weer. Het blijft een vuistregel: de precieze omstandigheden en het bewijs geven de doorslag.
| Situatie | Meestal aansprakelijk | Waar het om kan draaien |
|---|---|---|
| Invoegen vanaf de invoegstrook | De invoegende bestuurder | Snelheid en positie op het moment van botsen |
| Eén auto wisselt van rijstrook | De bestuurder die wisselde | Richting aangeven en afstand tot de ander |
| Ritsen bij een rijstrook die ophoudt | De bestuurder op de rijstrook die ophoudt | Of er echt een doorgaande rijstrook was |
| Beide wisselen tegelijk (weefvak, middenstrook) | Vaak beide, schade gedeeld | Wie de manoeuvre het eerst inzette |
Dat laatste punt is interessant. In de rechtspraak is overwogen dat er geen rangorde bestaat tussen bijzondere manoeuvres, en dat degene die de manoeuvre als eerste inzette die mag afmaken. Bewijs over wie wanneer begon, bijvoorbeeld beelden van een dashcam of verklaringen van getuigen, kan dan het verschil maken.
Ook wie rechtdoor reed, kan een deel van de schuld krijgen, bijvoorbeeld bij veel te hard rijden. Gedeelde schuld heeft vaak gevolgen voor uw schadevrije jaren; vraag na hoe dat bij uw polis uitpakt.
Het schadeformulier: deze vakjes doen ertoe
Bij een zijdelingse aanrijding is het Europees schadeformulier vaak het belangrijkste bewijs, omdat er meestal geen politie bij komt. In vak 12, de toedracht, zijn voor deze situatie drie hokjes van belang:
- 9. reed in dezelfde richting en op een andere rijstrook
- 10. veranderde van rijstrook
- 11. haalde in
Wie hokje 10 aankruist, geeft in feite aan dat hij de bijzondere manoeuvre uitvoerde. Vul dit eerlijk in, controleer wat de ander aankruist en noteer onderaan het aantal aangekruiste vakjes.
Andere vakken die bij een flankaanrijding tellen:
- Vak 10: met een pijl aangeven waar uw auto het eerst werd geraakt.
- Vak 11: de zichtbare schade, zo precies mogelijk.
- Vak 13: de situatieschets, met rijstroken, rijrichtingen, de positie van beide auto's bij de botsing, eventuele verkeerstekens en de naam van de weg.
- Vak 14: ruimte voor uw eigen opmerkingen, bijvoorbeeld "tegenpartij gaf geen richting aan".
Het formulier zelf houdt volgens de toelichting van het Verbond van Verzekeraars geen erkenning van aansprakelijkheid in. Maar na ondertekening door beide partijen mag u niets meer veranderen, dus lees het goed door voordat u tekent.
Flankschade: wat wij in de werkplaats zien
Een aanrijding bij het wisselen van rijstrook raakt bijna altijd de zijkant. Die schade lijkt soms mee te vallen, maar er zit vaak meer achter dan u van buiten ziet. In onze werkplaats letten we vooral op:
- Portieren: een deuk kan het sluiten, de afdichting en soms de raammechaniek beïnvloeden.
- Spatborden en dorpel: schade die doorloopt over meerdere panelen vraagt om plaatwerk en spuitwerk over een groter vlak, zodat de kleur naadloos overloopt.
- Zijspiegel: in een moderne spiegelbehuizing zitten vaak een knipperlicht, verwarming en soms een camera of een waarschuwingslampje voor de dode hoek. Meer daarover leest u in ons artikel over buitenspiegelschade.
- Dode-hoeksensoren en ADAS: bij veel auto's zitten radarsensoren voor de dode-hoekwaarschuwing achter de hoeken van de achterbumper. Na schade of een reparatie in dat gebied moeten die sensoren vaak opnieuw worden afgesteld. Zie ook ADAS-kalibratie na autoschade.
- Verborgen schade: bij een flinke klap kan de stijl tussen de portieren of de ophanging iets meekrijgen. Dat zien we pas bij een grondige inspectie.
Welke reparatie nodig is en wat het kost, hangt sterk af van het model, de lak en de sensoren. Wij bekijken het graag met u en maken een vrijblijvende offerte of stemmen de schade af met de verzekeraar.
Veelgestelde vragen
Wie is schuldig bij een aanrijding tijdens het invoegen?
In de regel de bestuurder die invoegt. Volgens artikel 54 RVV 1990 is van de invoegstrook de doorgaande rijbaan oprijden een bijzondere manoeuvre, en wie die uitvoert moet het overige verkeer voor laten gaan. Alleen bij uitzonderlijke omstandigheden, zoals extreem hard rijden door de ander, kan de schuld worden gedeeld.
Moet ik ruimte maken voor iemand die wil invoegen?
Wettelijk niet: het verkeer op de doorgaande rijbaan heeft voorrang. Uit hoffelijkheid en voor de doorstroming is het wel verstandig om, als het veilig kan, naar links te gaan of iets gas terug te nemen. Een botsing voorkomen blijft altijd belangrijker dan gelijk hebben.
Is ritsen verplicht in Nederland?
Nee, het RVV 1990 kent geen ritsplicht. Ritsen wordt wel aangemoedigd, maar juridisch is het van rijstrook wisselen, waarbij de invoegende bestuurder het verkeer op de doorgaande rijstrook voor moet laten gaan. In België is ritsen bij sterk vertraagd verkeer wel verplicht, op grond van artikel 12bis van de Wegcode.
Wie is aansprakelijk als twee auto's tegelijk van rijstrook wisselen?
Dan voeren beide bestuurders een bijzondere manoeuvre uit en moeten ze allebei voorrang verlenen. Verzekeraars verdelen de schuld in zo'n geval vaak gelijk. Kan een van beiden aantonen dat hij de manoeuvre duidelijk eerder inzette, dan kan de uitkomst anders zijn.
Heb ik voorrang als ik richting aangeef?
Nee. Artikel 55 RVV 1990 verplicht u om richting aan te geven bij het wisselen van rijstrook, maar een knipperlicht geeft geen voorrang. U moet het overige verkeer nog steeds voor laten gaan.
Welk vakje kruis ik aan op het schadeformulier als ik van rijstrook wisselde?
In vak 12 is dat hokje 10, "veranderde van rijstrook". Reed u rechtdoor in een andere rijstrook, dan past hokje 9, "reed in dezelfde richting en op een andere rijstrook". Vul het eerlijk in: na ondertekening door beide partijen mag u niets meer wijzigen.
Moeten de dode-hoeksensoren gekalibreerd worden na zijschade?
Vaak wel, als de schade of de reparatie het gebied rond de sensoren raakt. Bij veel auto's zitten die radarsensoren in de hoeken van de achterbumper. Na herstel moeten ze dan volgens de voorschriften van de fabrikant worden gecontroleerd en gekalibreerd.
Kort samengevat
Wie invoegt of van rijstrook wisselt, moet volgens artikel 54 RVV 1990 het overige verkeer voor laten gaan en is bij een aanrijding daarom meestal aansprakelijk. Ritsen verandert daar in Nederland niets aan; alleen als beide bestuurders tegelijk een manoeuvre uitvoeren, wordt de schade vaak gedeeld. Vul het schadeformulier zorgvuldig in, met aandacht voor vak 12, de pijl in vak 10 en de schets.
Heeft uw auto flankschade opgelopen? Kom gerust langs in onze werkplaats in Maastricht of neem contact met ons op. Wij kijken met u naar de schade, ook naar de sensoren die u niet ziet.