Bij een botsing met twee bijzondere manoeuvres beoordelen verzekeraars per bestuurder welke manoeuvre, verkeersfout en bewijsbijdrage het ongeval heeft veroorzaakt. De schade wordt daarom niet automatisch gelijk verdeeld. Timing, de plicht om overig verkeer voor te laten gaan, getuigen, foto's en het schadebeeld bepalen de causale verdeling en de uiteindelijke vergoeding.
Als beide bestuurders bijzonder manoeuvreren
Wanneer beide bestuurders een bijzondere manoeuvre uitvoeren, onderzoekt de verzekeraar van iedere bestuurder afzonderlijk de zorgvuldigheid, zichtbaarheid, timing en mogelijkheid om de botsing te voorkomen. Het enkele feit dat beiden manoeuvreerden, bepaalt de aansprakelijkheid nog niet.
Een bijzondere manoeuvre is bijvoorbeeld keren, achteruitrijden, wegrijden van de kant van de weg of een parkeervak uitrijden. Wie zo'n manoeuvre uitvoert, moet ander verkeer voor laten gaan. Als twee bestuurders dat allebei hadden moeten doen, kijkt de verzekeraar wie het eerst had kunnen en moeten ingrijpen.
Onze uitleg over aansprakelijkheid bij bijzondere manoeuvres in verkeer laat zien hoe die plicht in de praktijk werkt. Houd er rekening mee dat iedere verzekeraar eerst zijn eigen verzekerde hoort. Beide verhalen worden daarna naast elkaar gelegd.
Een gelijke verdeling is niet automatisch
Een verdeling van 50/50 is geen standaarduitkomst. Verzekeraars vergelijken hoe sterk de gedragingen van beide bestuurders aan de botsing hebben bijgedragen, waardoor ook een andere causale verdeling mogelijk is.
Verkeersongevallen.nl stelt het zo: een 50/50-verdeling is geen standaardregel. Het constateren dat beide partijen een fout maakten, is meestal onvoldoende. De verdeling hangt af van de mate waarin ieders gedrag tot de schade bijdroeg.
| Verdeling | Wat het betekent in de praktijk |
|---|---|
| 50/50 | Beide manoeuvres droegen even sterk bij aan de botsing. |
| 60/40 | Eén bestuurder had iets meer kunnen doen om de botsing te voorkomen. |
| 70/30 | Eén manoeuvre was duidelijk riskanter of onzorgvuldiger uitgevoerd. |
Dit zijn voorbeelden van een mogelijke causale verdeling, geen vaste tarieven. Meer over de opbouw van dit oordeel leest u in ons artikel over de schuldvraag bij een aanrijding.
Het belang van de volgorde van manoeuvreren
Welke manoeuvre als eerste begon, is relevant maar niet beslissend. Belangrijker is of die manoeuvre nog gaande was, voor de ander herkenbaar was en welke bestuurder tijdig had kunnen stoppen, wachten of uitwijken.
Stel dat u achteruit een parkeervak uitrijdt en een andere bestuurder tegelijk keert. Rijdt u al een tijd zichtbaar achteruit, dan had de ander dat kunnen zien. Begon de ander net voordat u remde, dan telt zijn onoplettendheid zwaarder. De verzekeraar reconstrueert dus de seconden voor de klap, niet alleen het startmoment.
Bij een kop-staart aanrijding is de volgorde meestal helder, omdat de achterligger de afstand moet bewaren. Bij twee manoeuvres ontbreekt zo'n vaste hoofdregel. Daarom weegt de verzekeraar zicht, afstand en reactietijd mee.
Getuigen en voertuigschade als bewijs
Verzekeraars toetsen verklaringen aan onafhankelijke getuigen, foto's, camerabeelden, de posities op het schadeformulier en het schadebeeld aan beide voertuigen. Consistente objectieve aanwijzingen wegen doorgaans zwaarder dan tegengestelde bestuurdersverklaringen.
Dit zijn de bewijsmiddelen die het meeste gewicht krijgen:
- Getuigen die geen belang hebben bij de uitkomst, zoals voorbijgangers of omwonenden.
- Dashcam-, bewakings- of deurbelbeelden van de plek van de botsing.
- Foto's van de eindposities van beide auto's en van de wegsituatie.
- Het schadeformulier met schetsen en handtekeningen van beide bestuurders.
- Het schadebeeld: de plek en richting van de beschadiging laten zien hoe de auto's elkaar raakten.
Maak foto's voordat de voertuigen worden verplaatst, als dat veilig kan. Noteer ook de namen van getuigen ter plaatse. Later zijn die vaak moeilijk te vinden.
Gevolgen voor eigen risico en no-claimkorting
Bij gedeelde aansprakelijkheid hangen uw eigen risico, schadevrije jaren en no-claimkorting af van uw dekking, de polisvoorwaarden en het deel dat op de tegenpartij kan worden verhaald. Laat daarom vooraf bevestigen welk bedrag de verzekeraar inhoudt of later terugbetaalt.
Met alleen een WA-verzekering vergoedt uw eigen verzekeraar geen schade aan uw eigen auto. Welke dekking u heeft, leest u in uw polisvoorwaarden. Heeft u casco-dekking, vraag dan na of de verzekeraar uw schade oppakt en zijn deel later bij de tegenpartij verhaalt.
Het eigen risico wordt vaak eerst ingehouden. Krijgt de verzekeraar het verhaalde deel binnen, dan betaalt hij een evenredig deel terug. Vraag schriftelijk na of uw schadevrije jaren intact blijven en of er korting op uw no-claimkorting volgt. Dat verschilt per verzekeraar en per polis.
Wederzijdse schuld en de verdeling door verzekeraars
Bij wederzijdse schuld stelt iedere verzekeraar eerst het causale aandeel van beide verkeersgedragingen vast. Daarna beoordeelt hij welke schade volgens dekking, eigen schuld en eventuele billijkheid wordt vergoed. Gedeelde aansprakelijkheid is dus niet altijd hetzelfde als het uiteindelijke uitbetalingspercentage.
Het juridische kader is volgens Verkeersongevallen.nl artikel 6:101 BW. Dat artikel verdeelt de schade naar de mate waarin de omstandigheden aan ieder zijn toe te rekenen. Een bestuurder kan bovendien meer terugkrijgen dan zijn aandeel in de schuld doet vermoeden, als de wet hem extra bescherming biedt.
Komen de verzekeraars er samen niet uit, dan duurt de afhandeling langer. Dat is een reden om uw eigen verhaal vroeg en volledig aan te leveren.
Schuld wanneer beide automobilisten manoeuvreren
Als beide automobilisten manoeuvreren, kan één bestuurder volledig aansprakelijk zijn of kan de verantwoordelijkheid worden gedeeld. Doorslaggevend zijn onder meer zicht, snelheid, positie, waarschuwingen en de concrete mogelijkheid van ieder om de aanrijding te voorkomen.
Een bestuurder die met stapvoets tempo keerde en goed zichtbaar stond, krijgt vaker een lager aandeel dan iemand die schuin de weg op schoot. Ook een claxon, richtingaanwijzer of achteruitrijlicht kan meetellen. Zulke details verschuiven het oordeel soms flink.
De regels staan in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990. Artikel 54 RVV is daarvan een onderdeel dat vaak terugkomt bij het oprijden van de weg en het keren. Overtreedt ook de ander een regel, dan blijft u niet vanzelf buiten schot en andersom. Een vergelijkbare afweging maakt de verzekeraar bij een aanrijding met een fietser, al gelden daar extra beschermingsregels.
Afhandeling door de verzekeraar en het schadeherstel
In Nederland verzamelt de verzekeraar eerst verklaringen en bewijs, bepaalt vervolgens de aansprakelijkheid en dekking en stemt daarna de vergoeding en reparatie af. Autoschade Merkelbag kan intussen de schade opnemen, herstelmethoden adviseren en zo nodig ADAS-kalibratie uitvoeren, met aandacht voor A.A.S. Schadeherstel, de Plusnorm en Aantoonbaar Veilig Herstel.
Zo verloopt het meestal:
- Meld de schade bij uw verzekeraar en stuur foto's, het schadeformulier en getuigengegevens mee.
- Laat de schade door ons opnemen, zodat u een concrete schatting heeft van het herstel.
- Wacht op het oordeel over aansprakelijkheid en dekking.
- Kies uw hersteller. De vrije reparatiekeuze geldt ook als de verzekeraar schadesturing voorstelt.
- Controleer bij een total loss of de dagwaarde en restwaarde kloppen. Vraag zo nodig een contra-expertise aan.
Waar het kan, herstellen wij met uitdeuken zonder spuiten of spotrepair. Dat spaart de lak en bespaart tijd. Na een botsing kalibreren wij ook de ADAS-sensoren, zodat rijhulpsystemen weer betrouwbaar werken. U kunt ons gerust vooraf bellen: wij denken mee over de volgorde, ook als de schuldvraag nog openstaat.